Scherptediepte

Wees aardig voor jezelf en een ander en deel

Scherptediepte is dé tool van de fotograaf om bijzondere foto’s te maken.

Dat is geen geintje. Door het juiste diafragma in te stellen maak je het onderwerp los van de achtergrond. Niets is zo fijn als je oog meteen naar het onderwerp van de foto wordt getrokken, zonder dat je hoeft te zoeken of af te vragen waar je eigenlijk naar zit te kijken. Je kan natuurlijk met zwartwit spelen en het onderwerp in kleur houden, of iets met belichting doen om je onderwerp meer uit te lichten tegen een donkerder achtergrond… maar niets, echt niets, wordt zo vaak gebruikt als scherptediepte. Het is ook makkelijk toe te passen zonder ingewikkelde technische ingrepen, maar je moet het wel even snappen.

Wat is scherptediepte?

Scherptediepte is het gebied in de afbeelding dat na de opname als scherp wordt weergegeven, of beter: dat als scherp wordt ervaren.  Alles buiten dat gebied wordt dan min of meer onscherp weergegeven. Stel dus scherp op het onderwerp met het juiste diafragma en het onderwerp komt automatisch beter naar voren in de foto. Het oog wordt automatisch getrokken naar het onderwerp. Ik probeer scherptediepte altijd te gebruiken omdat scherptediepte een foto zoveel meerwaarde kan geven. Wat is er mooier dan dat de achtergrond onscherp wordt of zelfs nagenoeg onzichtbaar is waardoor het onderwerp in de foto alle aandacht naar zich toe trekt?

De vier variabelen

Scherptediepte is afhankelijk van vier factoren:

1. diafragma
2. afstand tot het onderwerp
3. brandpuntsafstand
4. grootte van de sensor

Nu is de grootte van de sensor niet te beïnvloeden dus we houden het bij de eerste drie. De scherptediepte is vooral afhankelijk van de eerste drie factoren die samen met elkaar de scherptediepte bepalen. Een open diafragma: geringere scherptediepte. Dicht op het onderwerp: geringere scherptediepte. Grotere brandpuntsafstand: geringere scherptediepte. Die factoren tellen bovendien bij elkaar op: een groot diafragma mét korte afstand tot het onderwerp mét een grotere brandpuntsafstand zal leiden tot een zeer geringe scherptediepte, zo gering zelfs dat insecten als een lieveheersbeestje (zoals met een macro-objectief van 90  mm met een diafragma van F2,8 en op 30 centimeter afstand geschoten) doorgaans niet helemaal scherp op de foto komen.

De foto van het lieveheersbeestje hiernaast heb ik om deze reden afgekeurd. In essentie kan ik wel leven met de foto -ik heb hem niet helemaal weggemieterd- maar de gewenste delen van het beestje zijn naar mijn mening te onscherp. Te onscherp ja, want een ander criterium van mij is of de onscherpte storend is. Dat is het vaak wel, en heel soms niet. Deze foto kwam niet door het filter heen, ook niet na extra bewerking en meermalen beoordelen. Het is ook de reden dat ik in de macrofotografie dan liever van een wat grotere afstand mijn onderwerpje fotografeer -want grotere scherptediepte- en later in de nabewerking de foto iets ga bijsnijden.

Wisselwerking

Dus: is het diafragma open (laag getal) betekent dat een kleine scherptediepte. Is de afstand tot het onderwerp klein (bv 30 cm) betekent dat ook een kleine scherptediepte. Is het brandpuntsafstand groot betekent dat ook een kleine scherptediepte. Omgekeerd geldt weer dat een camera met een kleine lens, een klein brandpunt en een grote afstand tot het onderwerp -bijvoorbeeld de compactcamera waar veel mensen mee rondlopen- vrijwel altijd scherpe foto’s afleveren. Een compactcamera zal nooit mis schieten, tenzij je echt te dicht op het onderwerp kruipt.

Er zijn tabellen om de scherptediepte af te kunnen lezen en ook online calculators, zoals deze of deze. Maar in werkelijkheid heb ik nog nooit iemand daarmee aan de gang gezien.

Scherptediepte is een wisselwerking tussen ISO, sluitertijd en diafragma.


Denk daar eens over na.

TIP TIP TIP!
U wilt vast meer weten over fotografie! Volg dan eens een workshop!


Wees aardig voor jezelf en een ander en deel

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *