Het beeld en de boodschap

Ja, het beeld en de boodschap. Een foto mag nog wel zo mooi zijn, maar als de kijker niet weet waar hij naar moet kijken, of de foto niet ‘snapt’, wat is dan de point om de foto überhaupt te laten zien?

Voordat ik verder ga, laat ik eerst een foto zien die ik eind maart 2017 maakte. Het is een onbewerkte foto, zo van de camera getrokken. In het kader van deze blog heb ik er nog niets mee gedaan. Ik geef verder nog geen informatie over het wat en waarom. Gewoon even kijken en de foto op je laten inwerken. Wát zie je? Ik wacht even met typen totdat je bent uitgekeken. Je kan op de foto klikken om te vergroten.

Uit deze foto kan je niet veel afleiden. Bomen zijn kaal, dus het is winter, of het is vroege lente. Je ziet wat water (een gracht?) en aan de overkant drie gebouwtjes. Links staat wat horeca (blijkbaar is het terrasweer dus al warm genoeg), rechts daarvan een kleiner gebouwtje met fietsen ervoor (studentenhuis?) en rechts ook een gebouw. En je vraagt je af: waarom is deze foto? Waar kijk ik naar? Wat is het onderwerp??

Juist ja. Het onderwerp.

Dit is namelijk het atelier van de Leidse fotograaf Israël David Kiek (1811-1899), waarvan het kiekje is afgeleid.  Je kan dit atelier vinden aan de Rijnsburgersingel in Leiden. Je moet het maar weten.
De foto is genomen op 27 maart 2017.

Focus

Nu moet je weten dat ik vroeger, lang geleden in de 20e eeuw en in een ander leven, journalistiek  studeerde. Ik ging er niet mee verder, omdat ik vak niet meer leuk vond. Ik leerde er wel de hoofdzaken van de bijzaken scheiden. Ik leerde dat een verhaal een lopende structuur moet hebben. Ik leerde er dat een bericht het belangrijkste element bovenaan heeft staan, zodat de opmaakredactie een bericht van onderaf kan bijsnijden. En de boodschap was altijd: Wát vind je het belangrijkste? Wát is je keuze? Wát wil je overbrengen? Wát wil je zeggen? Bepaal dát, open daarmee, en houd alle niet-relevante en afleidende zaken zoveel mogelijk buiten het verhaal.

In de fotografie is het niet anders.
Je schrijft eigenlijk een verhaal. Niet met letters, maar met een beeld. In dat enkele beeld moet je iets kunnen overbrengen. En als je je beeld gaat volgooien met afleidende zaken, weet de kijker ook niet meer waar hij moet kijken en waar je heen wilt. Anders gezegd: je maakt keuzes in je verhaal, in je beeld dus, en probeert de kijker te sturen in de interpretatie. Je wilt dat de kijker als eerste naar het onderwerp kijkt, dus haal je dat naar voren. En je vermindert de aandacht voor alle andere beeldelementen.

En in bovenstaande foto zitten nogal wat afleidende zaken. Feitelijk hebben dat water en de horeca niets met het pandje te maken. Ze vormen wel de entourage om het gebouw heen en als zodanig hebben ze wel een functie, maar ze doen er verder niet toe. Het onderwerp valt weg in de omgeving. Het is een echt kiekje!

Het atelier van de Leidse fotograaf Kiek, aan de Rijnsburgersingel in Leiden.

Als ik bovenstaande foto onder handen neem met deze regels, krijg je bijvoorbeeld deze foto. Het zijn mijn keuzes en beslissingen, en daardoor heel subjectief. Jouw keuzes en beslissingen zijn ook subjectief en zullen vast ook heel anders zijn.

Hier overwoog ik dat de omgeving in stand moest blijven. Waar staat het pand? Ik heb de foto daarom ook niet bijgesneden. Maar ja, dan verdwijnt het pandje nog steeds in de omgeving. Ik overwoog toen dat Kiek in de 19e eeuw leefde en in zwartwit fotografeerde. Omdat mensen op kleur reageren, besloot ik de foto in zwartwit uit te voeren en het pandje weer in  te kleuren – dat is in Photoshop met de penseel met een paar streken gedaan. Nog even het onderwerp highlighten en de rand wat donkerder zetten, en huppetee, het onderwerp is gezet. En zeg nu zelf, je keek toch meteen eerst naar dat pandje en niet naar iets anders? Dat wilde ik ook. Ik wilde dat je eerst daarnaar keek en zorgde ervoor dat dat gebeurde.

Moraal van dit verhaal

Als je een foto maakt, probeer dan de focus te leggen op het onderwerp. Verminder de aanwezigheid van niet-relevante zaken, of beter, snij die weg. Als je een portret maakt, hou dan een rustige neutrale achtergrond aan en maak het portret beeldvullend. Per slot heb je de ruimte van een foto, dus gebruik die bij voorkeur voor het onderwerp en niet voor iets anders. Dat laatste heb ik hier niet gedaan, want ik wilde de omgeving er toch bij hebben, en dat is mijn keuze geworden.

Overigens heb ik een beetje twijfel over het pand zelf. Een vriendelijke Leidse wees mij op dit pand als voormalig atelier en niet op het horecapand ernaast waar het “Kiekmonument” van Norman Beierle en Hester Keijser uit 2001, vanaf de overkant van de singel op gericht is. Er is op beide  panden ook geen zichtbare plaquette aangebracht. Maar dit was hem, verzekerde zij mij. Ik vertrouw dus op de aanwijzing van deze Leidse.

TIP TIP TIP!
U wilt vast meer weten over fotografie! Volg dan eens een workshop!

Beperk jezelf! Schiet met mate!

Schiet met mate! Zo, dat heb ik alvast maar gezegd. Dan bestaat daar in elk geen misverstand over.

Waarom roep ik dat zo? Afgelopen maandag was ik op een netwerkbijeenkomst in Utrecht. Een netwerkbijeenkomst is natuurlijk – de naam zegt het al – een bijeenkomst waar je anderen in een informele sfeer leert kennen. Je spreekt ze, je hoort wat ze doen, er is vaak een hapje en altijd een drankje, en er wordt doorgaans wel een kaartje gelegd uitgewisseld. Het gaat natuurlijk om leads,  potentiële klanten. Niemand zegt het, maar ja, daar gaat het wel om. Om die reden was ik ook aanwezig. Voor de verandering had ik mijn camera niet meegenomen. De zondag ervoor had ik al een foto-opdracht gedaan, en die maandagochtend had ik ook al drie foto-opdrachten en ik besloot mijn camera eens niet mee te nemen.

Gelukkig was er een andere fotograaf ingehuurd. Aardige jongen, een starter die nog slechts enkele maanden actief is. Hij had een mooie set bij zich. Een Canon 6D met een Canon 24-70 mm objectief en een Speedlight flitser. Helemaal niks mis mee. Goed spul! Dat objectief en die flitser staan ook op mijn verlanglijstje, om die te zetten op mijn Canon 5D Mark 2 en 6D, naast mijn 24-105 mm en 90 mm macro (ja mensen take note, ik heb ook goed spul! Maar dat glaswerk wil ik ook nog hebben.)

Toen zag ik iets gebeuren wat ik herkende uit mijn beginjaren. De fotograaf was zoals verwacht voortdurend bezig. Klik, klik, flits, flits, flits. Tijdens de openingsborrel flitste hij al alles en iedereen en dat is okee, maar toen was er een presentatie van een pitcholoog, over een goede presentatie van je bedrijf in een elevator pitch en ook daar flitste de fotograaf lustig door. Zes, zeven, acht foto’s per minuut denk ik. De presentatie duurde 90 minuten, dus reken maar uit.

Vinger omhoog. Klik. Vinger omlaag. Klik. Aanwijzen. Klik. Even aan de neus krabben. Klik klik klik. En dat ging maar door. Tussendoor loerde ik even op zijn schermpje als ik dat kon, en technisch zagen die foto’s er goed uit. Goed uitgelicht en ook wel scherp. Maar verder kreeg ik de indruk dat er vooral op kwantiteit werd gefotografeerd en dat er geen aandacht was op de inhoud van het beeld.

Vertel een verhaal in je foto

Ooit leerde ik dat een enkele foto een compleet verhaal kan vertellen als de foto de vereiste beeldelementen bevat. Die beeldelementen helpen de kijker de foto te interpreteren. Als voorbeeld neem ik mijn werk Herfst. Als je dat werk goed bekijkt zie je iets van water tegen glas. Dat blijkt dan regen tegen de ramen te zijn. Maar niet alleen dat. Door het raam heen valt het licht van de schemering  – blijkbaar is er een zonsopkomst of zonsondergang bezig. Het voelt al koud aan. Je ziet de brandende straatlantaarns op een rij. Je kijkt dus naar een straat in de vroege ochtend of avond, terwijl de regen valt. Er zijn rode achterlichten te zijn. Er rijden dus auto’s. Er zijn mensen op pad. Waaruit je afleidt dat je kijkt naar waarschijnlijk woon-werkverkeer tijdens een koude regendag in waarschijnlijk de vroege lente of late herfst, of zelfs de winter. In de zomer is het woon-werkverkeer namelijk in vol daglicht, dus dat seizoen valt af.
Die foto is inderdaad genomen op 15 december 2011, om 16.43 uur en de beeldelementen ondersteunen het beeld van dat tijdstip. Ik hoef ook niet na te zoeken waar en wanneer die foto genomen is. Dat alles lees ik uit dat ene beeld.  Gewoon kijken en het verhaal ontrolt zich voor je ogen.

Dat miste ik bij deze fotograaf. Hij klikte er lustig op los – uiteindelijk had hij wel 400 foto’s genomen. Maar het merendeel van zijn foto’s bevatte enkel een presentator tegen een donkere achtergrond zonder verdere aanwijzingen over het hoe en wat, en wat het evenement was. Oh, soms zag ik hem kadreren en posities nemen die iets konden vertellen over de situatie, maar dat zag ik te weinig. Het waren vooral foto’s van een man die iets deed en iets vertelde, en daarom wat bewoog… en verder was er niets die de kijker zou kunnen helpen in het interpreteren. Als ik later de foto’s zou zien, zou ik moeten vragen waar en wat dit was. En daarvan waren dus ongeveer 400 foto’s. Vierhonderd.

Nu ben ik benieuwd wat daarvan uiteindelijk overblijft. Het neemt veel ruimte op de harde schijf in beslag, die 400 foto’s. En als je later niet kan afleiden waar die foto’s over gingen, wil je ze dan nog wel bewaren?

Juist om die reden – klakkeloos als een  blinde vink schieten – was ik in mijn begin genoodzaakt veel foto’s gewoon weg te gooien. Op basis van sec het beeld had ik vaak geen idee waar het over ging, wie ik in beeld had, en wat de situatie was. Die foto’s gooide ik achteraf weg, want ik kon er niks mee. Uit de metadata kon ik wel bijvoorbeeld de opnamedatum aflezen, en dan via mijn agenda misschien uitvissen waar ik op dat moment was. Maar het beeld moet die informatie bevatten, zonder dat je de details moet gaan nazoeken. Dat heb ik het liefst.

En daarom kijk ik tijdens het fotograferen ook, en vooral naar de omgeving van het onderwerp dat ik wil fotograferen en probeer ik die in het beeld mee te vangen. Ja, dat betekent meer werk. Meer kijken en ook anticiperen op wat er kan gebeuren. Meer posities innemen. Meer nadenken. Meer tijd besteden aan het schieten van een foto. En dan maak je uiteraard minder foto’s.

Waarop ik weer uitkom bij de eerste zin van deze blog. Schiet met mate! Dan heb je later geen berg foto’s om in te laden en te beoordelen… en vervolgens weg te mieteren omdat de opgestoken vinger in de ene foto niks toevoegt aan de neergelaten vinger in de volgende foto. Als je bewust kijkt en fotografeert bespaart je dat heel veel tijd achteraf.