De instelknop van de camera – wat heb je eraan?

Als je een camera koopt of al hebt, valt een knop meteen op. Die zit bovenaan en bevat verschillende aanduidingen. Dat is de instelknop en is ongeveer de belangrijkste knop van de camera. Dat vind ik. Ik hoop die mening ook over te brengen.

De instelknop van de Canon 5D Mark 2

Die instelknop ziet er ongeveer zo uit.  Hij zit meestal linksboven op het toestel, zoals hier op de Canon 5D Mark en de Canon 6D. De Nikon D3100 waar ik deze foto mee maakte heeft de knop weer aan de rechterkant. Waar hij ook zit, je herkent hem meteen.

Er staan wat aanduidingen en symbooltjes op en een groene aanduiding.

Maar wat betekenen die nu?

De symbooltjes, ze staan niet op de foto hier rechts, maar wel op die hieronder) zijn bedoeld als je de weg van de bijna minste weerstand wil kiezen. Wil je panorama: kies je de bergjes. Wil je een portret maken: kies je het koppie. Wil je iets kleins fotograferen: kies je het bloemetje, enzovoort.

Of ze werken en functioneel zijn? Ik weet het niet eens, want ik gebruik ze nooit. Het zijn namelijk voorinstellingen die de fotograaf de beslissingen uit handen nemen. Met deze instellingen laat je namelijk de camera beslissen hoe de foto eruit komt te zien. Er is een voorinstelling die je nog minder keuzemogelijkheid geeft en dat is de groene stand. Met die stand hoef je alleen maar op de sluiterknop te drukken en de camera doet de rest.  Dat is natuurlijk geen gewenste situatie. Jij neemt de foto, jij besluit hoe die eruit moet zien, dus jij neemt de beslissing en niet de camera.

_MG_9856 Ik beperk mij dus tot vijf voorinstellingen, waarvan ik er slechts drie echt gebruik. Nu maak ik doorgaans gebruik van de Canon 5D mark 2 met al zijn toeters en bellen, maar die vijf instellingen vind je min of meer terug bij alle spiegelreflexcamera’s. Als je de knoppen van de Canon en Nikon vergelijkt, zie dat ook.

Het zijn voor de Canon: B – M – Av – Tv – P
Voor de Nikon zie ik:             M – A   –  S  – P

Ik zet ze expres zo neer, omdat deze functies bij Canon en Nikon iets anders benoemd zijn, maar functioneel gelijk. Alleen de Nikon heeft de B stand niet.

En de naamstelling van Nikon vind ik beter. Wat is de achtergrond van de beslissing van Canon om een instelling Tv te noemen?

Maar wat doen ze? Als je de camera van de volautomatische groene stand wilt halen – en dat wil je, want je wilt controle over je camera en foto’s – heb je de keuze uit deze mogelijkheden.

De Av-stand (voor Nikon is dat dus A) staat voor Aperture. Je stelt het diafragma en de gevoeligheid in en de camera stelt dan automatische de goede sluitertijd in, om een goede belichting te krijgen.
De Tv-stand (voor Nikon is dat dus S) staat  voor Shutter. Dat is net omgekeerd. Je stelt de sluitertijd en de gevoeligheid in en de camera past het diafragma aan, om een goede belichting te krijgen.
De M-stand staat voor Manueel. Hierbij stel je zelf de sluitertijd, het diafragma en de lichtgevoeligheid in. De M-stand is dus het andere uiterste. Aan de ene kant heb je feilloze groene volautomatische stand (geen keuze) en aan de andere kant heb de M, waar je alles in de gaten moeten houden. Daar vallen ook de missertjes, want een onder- of bovenbelichte foto is zo gemaakt.

Dan heb je nog de P-stand (Program). In deze stand kijkt de camera naar het aanwezige licht en kiest er zelf de goede iso bij. Daar heb je nog genoeg controle over alles en maak je toch scherpe foto’s.
In de B-stand (Bulb) is de sluiter open zolang je de ontspanknop hebt ingedrukt.

Die eerste drie standen gebruik ik het meest. Wat zijn de verschillen?

De Av-stand gebruik je vooral in rustige situaties, zoals in de natuur. Je stelt scherp op het onderwerp dat waarschijnlijk niet meteen weg is en de camera zet er de goede sluitertijd bij. Handig. Ik gebruik deze optie het meest. Je houdt wel het risico dat het diafragma een te geringe scherptediepte geeft zodat het onderwerp niet compleet scherp is. Je bent ook wel bezig met de belichtingsdriehoek, want de foto moet wel scherp zijn en goed belicht worden.

De Tv-stand gebruik je vooral in situaties waar veel beweging is, zoals sport. Een voetballer die net uithaalt moet je kunnen pakken met een korte sluitertijd. Een bal die in de lucht hangt op weg naar het doel. Dansers. Een autorace vereist ook een korte sluitertijd, anders krijg je vage sporen in het beeld. Ook hier komt de belichtingsdriehoek weer om de hoek kijken. Bij zulke gelegenheden zie je me zelden trouwens: ik kan even geen voorbeeld daarvan vinden.

De M-stand gebruik je als je alles in de hand wilt houden. Dat moet je wel willen en vaak wil ik ook dat niet. Maar dan heb je wel volledige controle over de belichting. En de meeste kans op missers, als je de belichtingsdriehoek negeert.

Maar toch, ondanks dat je iets meer moet nadenken en handelen voor je foto, is dat toch een reden waarom je van de automatische groene stand af moet. Nou ja, moet… het is je eigen beslissing. En het is wel handig, die automaat, maar de prijs is wel dat je verder geen beslissingen meer kan nemen. Maar daar heb je toch geen camera voor gekocht?

Wilt u meer weten over fotografie? Volg dan eens een workshop!