Denk aan je camera met kou!

Ooit meegemaakt dat de ramen besloegen bij nat weer? Of dat de bril ineens matglas werd bij het betreden van een warme vochtige ruimte? Dat komt door het relatieve temperatuurverschil tussen warmte en kou, waardoor vocht condenseert op koudere oppervlakten. Dat kan dus ook met een koude camera gebeuren en heeft serieuze, misschien wel fatale consequenties. Vermijd een beslagen camera!

beslagen filter

Dat condenseren heeft te maken met het beginsel van Watt:

Dit beginsel houdt in dat indien een stof zich in zowel vloeibare als gasvormige toestand in een afgesloten ruimte bevindt, de druk in die ruimte wordt bepaald door de laagste temperatuur die in de ruimte heerst, en alle vloeistof uiteindelijk (via verdamping en condensatie) op de desbetreffende plaats zal worden geaccumuleerd. (bron)

Anders gezegd: vocht in de ruimte zal condenseren en zich verzamelen op die oppervlakte in de ruimte die het koudst is. Vandaar dat ramen beslaan, want die staan in contact met de kou buiten en zijn zelf ook koud. Vandaar dat brillen beslaan want die zijn vaak koud als je van buiten komt. Vandaar dat glazen met ijs- en ijskoude dranken beslaan: dat glas is een ijskoude vochtmagneet.

Datzelfde heb je dus ook met een camera. Als je buiten in de kou aan de slag bent geweest, is de camera ook door en door koud. Dat is buiten nog prima: het apparaat blijft over het algemeen wel werken, hoewel de batterij door de kou sneller kan leeglopen. Maar zo gauw je binnen komt, waar het warmer en vochtiger is, slaat het vocht neer op en misschien in de camera.

Water in de camera is de dood in de pot! Het serieuze gevaar bestaat dat elektronische componenten vochtig worden en kortsluiting veroorzaken. De batterij kan kortsluiting geven, net als het geheugenkaartje met al die contactpunten.

Dus tip, tip, TIP:
Voorkom ellende door vlak voor binnenkomst in een warmere ruimte de camera definitief uit te zetten. Verpak deze dan in een droge plastic zak om het vocht weg te houden, want anders zal vocht meteen bij binnenkomst neerslaan op de camera. Doe dan niets met de camera, leg hem weg, en laat de camera rustig een paar uur opwarmen voordat je de foto’s naar de computer overzet.

Op de foto hierboven zie je wat voor risico ik ooit nam, door vanuit de koude buitenlucht de tropische kas van de Hortus Botanicus binnen te stappen. Warm en vochtig. De camera bleef gewoon werken gelukkig, maar de meeste foto’s kon ik wegmieteren. Niets mee te doen.

Wilt u meer weten over fotografie? Volg dan eens een workshop!

Wat doe je met regen?

 

In Wat kun je doen met de herfst ging ik al een beetje in op de herfst, maar ik breid dat een beetje uit naar regen in het algemeen. Wat kan je doen als het regent? Regen komt namelijk in elk jaargetijde voor. Moet je dan maar inpakken en wachten totdat de nattigheid voorbij is? Nope. Ook dan heb je mogelijkheden. Meer dan je denkt.

Regen en buien

Okee, maar eerst even wat uitleg over regen en buien.
Wat is een regenbui, of gewoon een “bui”? Een bui is een plaatselijk optredende neerslag van voorbijgaande aard. Als het weerbericht het heeft over buien, dan kunnen die overal zomaar opkomen. Je wordt er nat van, maar daarna schijnt vaak weer de zon. Buien kunnen hevig zijn, maar zijn kortdurend. Ze kunnen heel het jaar voorkomen, maar je hebt ze meer in de lente, zomer en vroege herfst. Regen is een ander verhaal. Regen is een structurele neerslag die je op de kaarten al van ver ziet aankomen en waarvan het begin, de duur en intensiteit redelijk goed te voorspellen zijn. Echte regen kan ook heel het jaar voorkomen, maar je ziet het meer in de herfst en winter. Regen is langdurig.
Volg dus het weerbericht en de voorspellingen als je naar buiten gaat, al dan niet met een camera.

Je hoeft echt niet alles in te pakken en het einde af te wachten als het siept of saust. En als er neerslag dreigt, neem dan een camerahoes mee, om je dure camera in te verpakken. Je neemt hem ook niet mee onder de douche, want dan gaat hij kapot, dus buiten moet hij ook een regenjas aan. Zo’n camerahoes kan je natuurlijk kopen, maar ik kreeg de mijne bij een abonnement op een fototijdschrift. Beetje tijdschriften scannen op de goodies en dan heb je a. fijne informatie en b. fijne kleine nuttige hardware erbij.

Wat kun je fotograferen met neerslag?

Een beregend raam dat iets zegt over het (voorbije) weer.

Regen als beeldelement leent zich goed om een verhaal te vertellen. Wat zegt de volgende foto, die ik nog had liggen? Er is vaag een kale boom te zien, dus dit is in de late herfst, winter, of vroege lente. Verder vocht op het raam, dus vochtige lucht wat wijst op mogelijk regen of mist, en afkoeling. Er kan natuurlijk een bui geweest zijn, maar die heb je meer in de warme periode, en met een kale boom in beeld gaat het hier niet om de warme periode. Er is wel een open blauwe hemel en dat maakt regen ook onwaarschijnlijker. Als er iets was, was het misschien mist…  De foto is gemaakt op 11 december 2013, om 11.55 uur.

Die foto zelf zegt niet zoveel, vandaar dat ik er niets mee heb gedaan. Wel handig als je de foto nog hebt slingeren. Voor in een blog bijvoorbeeld.

Huis aan de Jaagweg tussen Purmerend en Zaandam, 28 oktober 2013

Dan zegt deze foto iets meer. Deze komt uit dezelfde serie als de stormfoto in mijn vorige blog. Dit is een woonhuis aan de Jaagweg in Purmerend in een storm waarin je liever niet buiten was (windkracht 11). Deze foto maakte ik vanuit de rijdende bus, niet vanwege het huis maar vanwege het weer. Het was hondenweer, geen hond op straat, ook geen kip, en dat gevoel voel ik nog steeds als ik deze foto’s zie. Het gaat er ook niet zozeer om wat je wilt wilt laten zien, maar ook wat je niet kan laten zien. Een foto ontstaat ook in het hoofd.

 

Ondergaande zon op 15 december 2011, rond 16.43 uur.

Het hoeft ook allemaal niet zo moeilijk te zijn. Alles is te fotograferen, vind ik. Deze foto is een echt ouwetje, de eerste waarin ik echt een verhaal probeerde te vertellen. De ondergaande zon, schemering, mensen komen thuis in hun warme huis, straatlantaarns gaan aan, en buiten is het nat en koud. Okee. Heel simpel, maar het vertelt wel alles.

 

Genoeg met die natte ramen! Nogal depressief!

Reflectie

Het torentje van het oude stadhuis van Purmerend gespiegeld in het regenwater op het Waagplein. Dat plein is versteend dus dat water loopt niet altijd even snel weg.

Als het geregend heeft, liggen er plassen en poelen op straat. Daar kan je mooi mee spelen. Je moet het wel zien, maar in de plassen zijn vind je vaak mooie reflecties. Je moet er echt heen, en afhankelijk van de grootte van de plas moet je soms knielen, hurken of buigen, maar dan heb je vaak wat. Hier had het dus geregend, en was het verder windstil; het regenwater is glad zodat het torentje mooi zichtbaar werd. Vaak is het prijsschieten. Plassen zat en er is altijd omgeving in de buurt.

 

Lichtbreking en regenbogen

Regenboog boven Utrecht, 11 augustus 2014. En als je goed kijkt is het een dubbele regenboog.

Ah, regenbogen dan. Een regenboog staat altijd recht tegenover de zon. Je kan een regenboog vaak tijdens de bui zien (niet tijdens regen dus, want dan is het meestal alleen maar grijs) als de zon in de rug staat. Het middelpunt van de regenboog staat altijd evenveel graden onder de horizon als de zon boven de horizon staat. Vandaar dat de boog ‘s ochtends of ‘s avonds groot is, want dan staat de zon laag. Je moet maar het geluk hebben om op het juiste moment op de juiste plaats te staan, en dan mét een camera. Ik heb dus weinig regenboogfoto’s en wat ik heb is maar zozo. Veel lelijke gebouwen er omheen. De stadsfoto wilde ik daarom niet gebruiken wegens die lelijke kiet er omheen. In Frankrijk zag ik ooit in het veld een complete knallend felle regenboog, zo fel heb ik ze daarna nooit meer gezien.

Een deel van een regenboog bij de fontein van Park Transwijk, Utrecht 10 oktober 2012.

Maar je als je per se moet kan je het toeval wat helpen.  Okee, het is geen regen of een bui, maar eigenlijk ook weer wel: het is een kunstmatige opgewekte bui. Onder een fontein word je net zo nat. En dan kun je ook mooie beelden maken. Hier een deel van een regenboog in Park Transwijk in Utrecht. Ging ik aan de overkant dan zag ik de lichtbreking niet. Ik herinner mij dat ik bewust ben omgelopen om de zon in de rug te hebben.

Je kan dus heel veel spelen met regen, buien, regendruppels en water in het algemeen. Als je vooral probeert droog te blijven, blijven je foto’s vaak eenheidsworst en saai. En met regen verruim je je mogelijkheden. Je wordt creatiever en je foto’s worden vaak spannender. Daarom liet ik de standaard bloemen en bladeren met regendruppels achterwege. Die lagen te veel voor de hand. De mogelijkheden zijn onuitputtelijk. Het gaat vooral om kijken en waarnemen met de voortdurende vraag “Is dit wat?” En dan blijkt dat eigenlijk alle beelden – ook die met regen en nattigheid – gewoon fotografeerbaar zijn. Je moet het alleen even zien.

Wat kun je doen met de herfst?

Joehoe, het is herfst!! Nou ja, kan ik dat zo zeggen? De herfst associeer ik altijd met verval, met afsterven, met klaarmaken voor de winter, en het begin van een langere rustperiode. De herfst is daardoor niet mijn favoriete seizoen. Al dat bruin, al die blaadjes, die wind… niet mijn ding. Maar als de herfst komt, wil dat niet zeggen dat het mooie seizoen voorbij is. Mooi is natuurlijk een subjectief begrip, en toegegeven, mijn favoriete seizoenen zijn de lente en de zomer. Ontluikend leven, de frisheid van de kleuren, de warmte en lange dagen hebben toch wel een fijne invloed op mij. Maar de herfst is fotografisch ontegenzeglijk van een betoverende schoonheid, voor wie het wil zien natuurlijk. En, in principe is alles fotografeerbaar. Echt alles. Daarom een aantal tips om met de camera de herfst door te komen.

 

1. Neem altijd je camera mee

Jeuj, meteen maar even een open deur intrappen. Ja, echt altijd! Je weet nooit wat er voor je neus gebeurt. Zelf heb ik mijn camera altijd onder handbereik. Tamelijk onzichtbaar in de fototas dat wel, want de lafaard die ik ben wil niet meer altijd zichtbaar met dure camera rondstappen na de beroving in 2013. Maar de camera is altijd onder handbereik.

 

2. Bereid je voor

Als je een bepaald gewenst beeld in gedachten hebt (zoals “ik wil vandaag spinnen en spinnenwebben fotograferen”) kun je natuurlijk van te voren al een locatie uitkiezen en verkennen, of terugkeren naar een eerder bezochte en bekende locatie. Van een eerdere bezochte locatie weet je natuurlijk hoe de situatie ter plaatse is, je weet de weg, en je weet vaak waar iets terug te vinden is.

 

 

 

3. Anticipeer

Je kan natuurlijk ook op onbekende situaties anticiperen en je daarop voorbereiden. Dat is ook de reden dat ik de weersverwachting voor de komende drie dagen volg, zodat ik weet wat er komen gaat. Op 28 oktober 2013 kwam er een grote najaarsstorm. Ik wist dat die eraan kwam, en tijdens die storm zat ik in de bus van Purmerend naar Amsterdam Centraal. De wind gierde met windkracht 11 om de bus, het Noord-Hollands kanaal had schuimkoppen, en de bus reed daar vlak langs. Juist vanwege die situatie posteerde ik mijn voorin om maximaal zicht te hebben op de weg.

De Jaagweg tussen Purmerend en Zaandam, 28 oktober 2013

Daar kwamen dit stormachtige beeld uit. Niet geschikt voor verkoop, en ja je kan er eigenlijk niet zo veel mee (ik heb er verder ook niet zoveel mee gedaan), maar hij geeft wel een gevoel dat het niet zo fijn was op de weg. De bus lag niet stabiel door de wind, het verkeer maakte ook wat schuivers en het kanaal lag er vlak langs (ja ja, er was een vangrail okee, dus een plons in het kanaal was onwaarschijnlijk), en ik zat paraat voor misschien wat leuke plaatjes. De camera was in standby-mode in de tas, en onder handbereik. Andere foto’s uit deze serie lieten vooral heel veel regen op de ramen zien.

Herfst in het Julianapark. Klik op de foto voor meer informatie.

Die storm was natuurlijk een exces, hoewel 2013 zelfs drie najaarsstormen had en een bijnastorm. Meestal is de herfst een kabbelend gebeuren. Eerst is het nazomer, vanaf zeg 15 september zet de herfst wat meer door en vanaf oktober gaan de bomen en bossen verkleuren. Dat levert mooie platen op. Hier ging ik bewust naar deze vijver wegens het water en de bladkleur: ik wist waar iets te halen was… en ik ging het halen.

 

4. Trek geschikte kleding aan!

Neem regenkleding mee en doe dichte schoenen aan, want je zal meer te maken krijgen met regen, regenplassen en wind. Maar zelfs als het weerbericht mooi weer voorspelt, trek dan iets rustigs aan. Wees niet loud! Ik heb het al een paar keer meegemaakt dat ik met een rode broek (die had ik toevallig aan) op jacht was naar vlinders en libellen, en ze zagen mij al van ver aankomen. Die jacht mislukte dus faliekant. Met een groene broek blijven ze langer zitten.

 

5. Neem het liefst een polarisatiefilter mee

Eigenlijk moet je die altijd bij je hebben, en waarom heb ik hier beschreven. Een polarisatiefilter versterkt echter ook de kleuren. Bruin en rood worden diepbruin en dieprood, het eventueel blauw van de lucht wordt blauwer of donkerder, en wolken worden witter. Maar bezit je geen polarisatiefilter, dan kan je de kleuren ook achteraf flink oppeppen zoals ik hier gedaan heb.

Bomen in herfstkleuren. Klik op de foto voor meer informatie.

Niet dat ik de kleuren heb vervalst. Nee, de linkerboom was ook echt bruingeel, maar ik heb het wat dieper gemaakt, net als het blauw van de hemel. Bruinrood en blauw staan tegenover elkaar en contrasteren fijn.

 

 

 

6. Neem een statief en een grijsfilter mee

Die twee voeg ik even samen, want je gebruikt ze vaak ook samen. Een grijsfilter vermindert de lichtinval zodat de camera denkt dat het donker(der) is. Tenzij je de sluitertijd echt vastgezet hebt, zal die langer worden, zodat vloeiende bewegingen zoals water zachter worden. Een voorbeeld van een zachter wateroppervlak vind je hier.

Water in het Gorsebos, Purmerend. De camera was ingesteld op ISO 50, f/22 en 2,5 s sluitertijd.

Maar als de sluitertijd langer is heb je wel een statief nodig om bewegingsonscherpte te voorkomen. Vind je een statief te veel gesleep, gebruik dan een stabiele ondergrond in de buurt, zoals een muurtje, of de ondergrond.

Ik heb zelden een statief bij me. Ik vind dat te veel gesleep en je valt daarmee te veel op. Voor deze foto maakte ik gebruik van het bruggetje waar ik op stond. Ik legde de camera stabiel aan de rand van de brug en kadreerde het beeld.

 

 

 

 

 

 

7. Neem een macro-objectief mee

Een macro-objectief heb je nodig om kleine objecten goed vast te leggen. In de natuur zijn veel kleine objecten aanwezig en het duurt vaak een tijdje voordat kleine dingen je gaat opvallen. Beestjes gaan kruipen, insecten vliegen af en aan, en hé, waren die bloemen er zonet ook al? Ogen nemen waar, maar de hersenen zien. Neem dus ook geduld mee! Als je de omgeving op je in laat werken, gaan de kleine dingen opvallen.

In de herfst heb je veel paddenstoelen. Geef het maar toe. Iedereen vindt ze leuk en je heb er vast al wel wat gefotografeerd. Dan heb je meestal wel een macro-objectief nodig. Deze foto heb ik genomen terwijl op mijn buik in het gras lag.

 

 

Als ik op stap ben heb ik deze spullen standaard mee. Ga ik nu door mij fototas heen zie ik:
1. een camera (duh!)
2. een polarisatiefilter
3. een grijsfilter
4. een 50 mm objectief
5. een kleine opzetfilter, voor de zekerheid, met reservebatterijen

6. en een macro-objectief, en dat neem ik apart mee want hij past niet in de tas haha. 🙂
Zo kom ik wel de dag door.

 

Ennn…

8. Neem vooral passie mee en een goed oog

Ja, je moet er wat voor over hebben. Bereid je in elk geval goed voor. Het kan wel eens regenen. Het kan wel eens koud zijn. Neem dus warme kleding en dichte schoenen mee. Het is geen zomer meer, dus zomaar even naar buiten rennen met een camera is er niet meer bij. Succes!

 

Herfst!

En dan is het ineens herfst! Terwijl ik met mijn verstandelijke hoofd nog bij de zomer zit – warm, zonnig  en droog  (nou ja, behalve augustus dan) – zien mijn ogen dat de dagen korter worden en de regen toch wel vaker naar beneden komt suizen. Je weet dat het dieptepunt nog moet komen. Voor de datumfetisjisten: op 22 december 2014 hebben we de kortste dag. Om precies te zijn: om 00.03 staat de zon precies boven Steenbokskeerkring en begint de winter. De echte winter begint doorgaans ergens in januari en duurt dan tot halverwege februari. Uitzonderingen daargelaten duurt die echt niet zo lang. Áls die winter komt natuurlijk, want in 2014 had het overgrote deel van Nederland niet een sneeuwvlok. Alleen het noordoosten werd een paar dagen geraakt door een winterse kou.  Maar in reguliere winters duurt de echte winter iets van vijf weken, vanaf begin januari tot medio februari waarna de lente om de hoek komt kijken.

Maar nu. Je ziet het niet met de ogen, maar je merkt dat de zonkracht al heel veel zwakker is geworden.  Oh, op de huid voel ik de sterkte nog, maar fysiek en emotioneel kom ik alweer in de jaarlijkse winterdip.  Dat was in voorgaande jaren werkelijk een drama. Tot aan 2010 merkte ik in oktober een afname van vitaliteit en een algehele appeligheid, die je het liefst tot aan februari onder het dekbed deed kruipen. Ja, zo erg was dat. Tegenwoordig maak ik gebruik van St. Janskruid, waarover ik al eerder een blog schreef.

Wat moet je dan? Er was een tijd dat ik de herfst verfoeide. Er was in mijn beleving geen een seizoen die zo erg op mijn gemoed werkte, met die regen en kou, met die kleuren van dood en sterven, en de aftakeling van de natuur. Goh, dat was erg. Nu, in de fotografie kan ik de herfst beter waarderen. Sterker nog, de herfst is fotografisch wel mijn favoriete seizoen wegens de kleurenpracht en de lichtval. En daar had ik ook al weer een blog over geschreven. De herfst kenmerkt zich vooral door paddenstoelen en spinnen en meer dingen die de herfst laten zien.

_MG_0254
Dit moet een paddenstoel zijn, een zwam, maar het kan net zo goed een geplakte marshmallow aan een boom zijn. Gevonden in de bossen bij Hilversum.

Maar ja, dan moeten die er wel zijn! Zien jullie verse paddenstoelen? Ik niet. Ik zit er op te letten, maar behalve deze blob  (die ik toch behoorlijk vies vind), of deze inktzwam, die ik weer behoorlijk saai vind, is de oogst mager.  Of ben ik te vroeg?

_MG_0143
Een inktzwam. Gevonden aan de rand van Natuurpark Bloeyendael in Utrecht.

 

 

 

 

Oh, het is niet dat ik niets zie. Het aardigste is nog wel het werk Overvloeiende Seizoenen dat ik nu op Werk aan de Muur heb staan. Daar zijn zelf twee seizoenen, lente en herfst, in een beeld gevangen en dat vond ik wel een aardig toevalligheid. Verder heb ik nog niets opgemerkt waar ik warm van werd en wat mijn bloed deed stromen.

Nou ja, je kan niet elke week alles hebben. Laat ik maar wachten op de najaarsstormen. De slagregens. Het verkeer in de avond op de natte spiegelende wegen. Laat ik maar wachten op de eerste sneeuw.

En in de tussentijd maar St Janskruid slikken, om me scherp en alert te houden.

Gemerkt dat er zand tussen de letters zit?

Nachtelijke bezoeker!

 

Kijk eens wat een schatje!  Wat een mooi exemplaar van een kruisspin dat je in de ogen kijkt. Daar word je toch helemaal warm van?

Dit is een kruisspin die ik in Purmerend fotografeerde eind augustus 2013. Ik had net een macro-objectief gekocht waar ik mee experimenteerde. De lieverd zat te wachten op een onvoorzichtige prooi en poseerde voor mij in het web.

Leuk voor Halloween!!
Het uiteindelijke werk. Nachtblauw met vaal licht in de achtergrond en dat beest wat voor je neus hangt. Klik op de foto!

Deze foto slingerde al een tijdje op de harde schijf. In de oorspronkelijke vorm vond ik hem wel mooi, maar gewoon. Kruisspinnen ‘as-is’ kan je in de late zomer en vroege herfst gemakkelijk vinden. De foto was dus niet spannend genoeg. Er moest iets mee gebeuren. Ik wilde de foto ook niet weggooien, want daar vond ik hem te goed voor. Mooi scherp en groot in beeld. Tegelijk vroeg ik me af of je een afbeelding van wat algemeen wordt beschouwd als een “vies beest” wel kunt uitbaten. Verkoopt het wel?

Ik ging er toch mee spelen. Alweer, want in de winter was er al eerder mee aan de slag geweest. Hieronder laat ik de verschillende resultaten zien van mijn werk.

Voor dit werk voerde ik eerst de standaard bewerkingen uit. Belichting aanpassen, clipping verwijderen, ruis weg, iets meer verzadiging, en verscherping en nog wat zaken en dingetjes er omheen. Daarna veranderde ik de dag in de nacht. Ik vond dat spannender. In de functie Belichtingseffecten in Elements 10 (Filter -> Rendering -> Belichtingseffecten) pakte ik Blauw Universeel en ging daar mee spelen. Daarna OK. Vervolgens koos ik het filter Gloed Onscherp (Filter -> Vervormen -> Gloed Onscherp), zette de korreligheid op 0 (nul dus), de hoeveelheid gloed op 14 en de helderheid op 20. OK.

Daarna een zwarte vignettering toegepast om het beeld wat nachtelijker en meer sinister te maken. Ik probeerde nog een andere foto van de maan rechtsboven in het beeld te plaatsen, maar dat maakte het geheel nep en kunstmatig, dus die maan verdween weer snel.

Daar kwam dus dit beeld uit! Ik ben heel gelukkig met dit werk. Het is heel anders dan wat ik normaal maak. Opnieuw een verdere ontwikkeling met filters!

Halloween

En ik ben zo tevreden met dit werk dat ik dit weer te koop heb gezet via Werk aan de Muur. Leuk voor Halloween!!

Zoals ik schreef: ik ben al eerder bezig geweest met deze foto. Blijkbaar kon ik er toch niet van afblijven en moest er iets van komen.

In de slide hieronder toon ik de verschillende vormen die hier op de laptop de revue passeerden, te beginnen met de oorspronkelijke foto. In mijn herinnering had ik nog meer versies gemaakt, maar blijkbaar heb ik die in de afgelopen maanden verwijderd…

 

 

 

 

 

Voortschrijdend inzicht

Een van de voordelen van digitaal fotograferen is, dat je zonder al te veel toestanden je foto’s met nieuw inzicht kan herbewerken als je er niet tevreden mee bent. In the old days moest je negatieven opsnorren, de doka induiken, alles klaarzetten, papier belichten, papier in de baden laten opkomen en fixeren en drogen. Allemaal erg leuk – ik heb het ook gedaan – maar ook wel erg bewerkelijk. Kostte wel een avond. Continue reading “Voortschrijdend inzicht”